Heimwee naar het oude land

0
936

In de tuin ligt een gewicht van 25 kilo. ‘Een aandenken uit de periode waarin we de polder in cultuur brachten. Ik weet niet waar het voor werd gebruikt, waarschijnlijk is het afkomstig van een schip’, zegt Wim Evers (74).

Hij wilde in 1960 eigenlijk op avontuur in Canada. Toen dit niet doorging, besloot hij na zijn militaire dienst in de polder (Oostelijk Flevoland)te gaan werken. ‘Tijdens het werk kwamen we van alles in de grond tegen; van schepen en vliegtuigen tot visnetten. We haalden het uit de grond of markeerden het. Het was er uitstrekt en winderig. De drooggelegde polder rook een beetje zilt en naar ongerijpte grond.’

‘Vooral het afbranden van het riet, dat werd gezaaid om vocht uit de grond te onttrekken, was indrukwekkend. De hele polder stond ik de fik. Omdat de branden zorgden voor zoveel roet, dat bij een verkeerde wind de buitende gehangen was in Amsterdam zelfs zwart werd, gingen we later over op het platdrukken van het riet. Dit veroorzaakte minder overlast’, vertelt hij.

Rupsvoertuig

Wim Evers heeft van alles gedaan; sloten graven, greppels trekken, ploegen, zaaien, dorsen…  Alles moest precies recht worden aangelegd en ook de maten van een perceel stond vast; deze was 300 meter breed en 1 kilometer lang. Hij laat een foto zien van een rupsvoertuig die een heel eind de grond in was gezakt. ‘Sommige stukken land waren nog niet zo stevig’, lacht hij. ‘Het was mooi om in de polder te werken. Het land was ontzettend uitgestrekt; er was geen boom te zien.

Tijdens een dansavond in de buurt van zijn woonplaats ’s Heerenberg leerde hij Gerda (nu 69) kennen. ‘Ik wist dat hij in de polder werkte, maar verder dacht ik er niet zoveel over na. Pas toen ik er later zelf ook ging wonen, merkte ik dat het leven op het nieuwe land echt anders was. Vooral het eerste jaar was ik er echt eenzaam. Ik miste mijn familie. Ik zat de hele dag in de barak en Wim was aan het werk’, vertelt ze. ‘Nu zou hier nu nooit meer wegwillen’, zegt Gerda. ‘Onze kinderen zijn in de polder blijven wonen en we hebben hier kleinkinderen.’